Artikel 48 Eisen aan informatieverstrekking

1 De informatie die de pensioenuitvoerder verstrekt of beschikbaar stelt is correct, duidelijk en evenwichtig. De informatie wordt tijdig verstrekt of beschikbaar gesteld.

2 De pensioenuitvoerder bevordert dat persoonlijke informatie aansluit bij de informatiebehoefte en kenmerken van de deelnemer, gewezen deelnemer, gewezen partner of pensioengerechtigde.

3 De pensioenuitvoerder bevordert draagt er zorg voor dat de informatie de deelnemer, gewezen deelnemer, gewezen partner of pensioengerechtigde inzicht geeft in de keuzemogelijkheden die er zijn in de pensioenregeling, en de gevolgen van belangrijke gebeurtenissen voor het pensioen en de gevolgen van een keuze of combinatie van keuzes voor het pensioen.

4 De pensioenuitvoerder bevordert dat de informatie de deelnemer, gewezen deelnemer, gewezen partner of pensioengerechtigde aanzet tot relevante actie.

5 4 Bij de informatie, bedoeld in de artikelen 38, eerste lid, en 40, eerste lid, 42, eerste lid, en 44, eerste lid, wordt een verwijzing opgenomen naar de website van de pensioenuitvoerder, de website waarop het pensioenregister te raadplegen is en wordt gewezen op de mogelijkheden die artikel 46 biedt. De informatie, bedoeld in de artikelen 38, eerste lid, 40, eerste lid, 42, eerste lid, en 44, eerste lid, wordt verstrekt door middel van een uniform pensioenoverzicht. In het uniform pensioenoverzicht wordt een verwijzing opgenomen naar de website van de pensioenuitvoerder, de website waarop het pensioenregister te raadplegen is en wordt gewezen op de mogelijkheden die artikel 46 biedt.

6 5 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot dit artikel Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot dit artikel over onder meer het uniform pensioenoverzicht en het verstrekken van informatie door middel van het uniform pensioenoverzicht.

Consultatiedocument, p. 112:

1. Het is wenselijk dat deelnemers informatie ontvangen in een vorm die past bij en uitgaat van de wensen, behoeften en kenmerken van de doelgroep waartoe die deelnemer behoort. Daarvoor is nodig dat pensioenuitvoerders effectief om kunnen gaan met de wijze waarop zij verplichte informatie aan hun deelnemers geven. Het gebruik van verplicht voorgeschreven uniforme model past daar niet langer bij. De regering stelt dan ook voor om het verplicht hanteren van het model van het Uniform Pensioenoverzicht (UPO) af te schaffen. Een standenoverzicht, met het woord “Pensioenoverzicht” en de geldende elementen, blijft op grond van Europese regelgeving wel verplicht. De verwachting is dat pensioenuitvoerders de ruimte zullen nemen om pensioeninformatie beter te laten aansluiten op de doelgroep. Een verplicht format maakt het voor pensioenuitvoerders onmogelijk de vormgeving aan te passen. Ook ten behoeve van de optelbaarheid van pensioen(overzichten) is het niet langer nodig uniformering van de vormgeving af te dwingen, aangezien mijnpensioenoverzicht.nl dit overzicht biedt. Op mijnpensioenoverzicht.nl wordt namelijk een overzicht gegeven van AOW en pensioen, alsmede inzicht in de gevolgen van gebeurtenissen. De afschaffing van de verplichte vorm laat de verplichte inhoud onverlet, bijvoorbeeld ook het verwachte pensioen in de drie scenario’s.

[…]

Consultatiedocument, p. 112-113:

Een van de belangrijkste aanbevelingen uit de evaluatie van de Wet pensioencommunicatie is dat het nodig is om ontvangers van pensioeninformatie te activeren. Pensioenuitvoerders kunnen deelnemers helpen te begrijpen met welk doel zij de informatie verstrekken als zij expliciet maken wat de ontvangers kunnen doen met die informatie. Pensioenuitvoerders zelf ervaren ook dat het effectiever is om door middel van informatie persoonsgericht te sturen op gedrag dan om enkel kennis over te brengen. Zij benadrukken terecht het belang van het kunnen aansluiten op de behoefte en kenmerken van deelnemers.

Pensioenuitvoerders krijgen met dit wetsvoorstel de verplichting dat de informatie die zij verstrekken aanzet tot actie. Deze maatregel is bewust open geformuleerd, zodat de pensioenuitvoerder de ruimte en verantwoordelijkheid heeft om hieraan effectief invulling te geven. Het gaat erom dat pensioenuitvoerders de ontvanger aanzetten tot een zo concreet mogelijke actie, bijvoorbeeld nagaan of er later voldoende pensioen is. Het gaat er om dat de deelnemer weet wat deze concreet kan doen. De informatie verstrekkende pensioenuitvoerder wordt geacht te weten bij welke informatie welk handelingsperspectief hoort, ook wel de passende ‘call to action’ geheten.

[…]

Consultatiedocument, p. 165-166:

Artikel I, onderdeel X en artikel VII, onderdeel X
In artikel 48 van de Pensioenwet en artikel 59 Wvb zijn de algemene eisen aan informatieverstrekking opgenomen.

In het derde lid is de rol van informatieverstrekking bij keuzemogelijkheden en de gevolgen van belangrijke gebeurtenissen voor het pensioen geregeld. Daarbij is nu bepaald dat de pensioenuitvoerder bevordert dat de deelnemer inzicht heeft in de keuzemogelijkheden en de gevolgen van belangrijke gebeurtenissen. Dat wordt vervangen door de verplichting voor de uitvoerder om er zorg voor te dragen dat de informatie dit inzicht geeft. Verder wordt aan deze regeling toegevoegd dat dit ook betrekking heeft op de gevolgen van een keuze of combinatie van keuzes voor het pensioen. Dit is verder toegelicht in paragraaf PM van het algemeen deel van deze toelichting.

In een nieuw vierde lid wordt bepaald dat de pensioenuitvoerder bevordert dat de informatie die de uitvoerder verstrekt de deelnemer, gewezen deelnemer, gewezen partner of pensioengerechtigde aanzet tot relevante actie. Dit kan bijvoorbeeld door de deelnemer te wijzen op rekentools voor het benodigd pensioen. Dit voorschrift is opgenomen naar aanleiding van de evaluatie van de Wet pensioencommunicatie (zie hiervoor hoofdstuk 7 van het algemeen deel van de toelichting).

In het vijfde lid (nu het vierde lid) is de verplichting voor pensioenuitvoerders opgenomen om de periodieke informatie aan deelnemers, gewezen deelnemers, gewezen partners met een bijzonder partnerpensioen en pensioengerechtigden te verstrekken door middel van een uniform pensioenoverzicht (UPO). De verplichting om voor deze informatie standaardmodellen te gebruiken vervalt (zie hiervoor het algemeen deel van de toelichting). In plaats daarvan zal wel in het Besluit uitvoering Pensioenwet en Wet verplichte beroepspensioenregeling voor de periodieke informatie aan deelnemers en gewezen deelnemers worden geregeld dat de informatie moet worden opgenomen in een document met in de titel het woord pensioenoverzicht. Deze regels voor de informatieverstrekking volgen uit artikel 38, eerste lid, van Richtlijn 2016/2341/EU [voetnoot 209: Richtlijn 2016/2341/EU: richtlijn 2016/2341/EU van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2016 betreffende de werkzaamheden van en het toezicht op instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening (IBPV’s) (PbEU L2016, 354).] en zijn nu geïmplementeerd met de standaardmodellen. Nu deze vervallen worden deze voorschriften in het genoemde besluit opgenomen. De verplichting om bij de periodieke informatieverstrekking ook te verwijzen naar de website van de pensioenuitvoerder en het pensioenregister en te wijzen op de mogelijkheden om informatie op verzoek te krijgen zijn gehandhaafd.

 

Hier de tekst

Hier de tekst

Hier de tekst

Hier de tekst

Hier de tekst

Hier de tekst

Hier de tekst

Hier de tekst

Hier de tekst

Start typing and press Enter to search